| |
Het Heilige Roomse Rijk
deel 3: Het Grote Interregnum
Veel kastelen
Bij gebrek aan een sterk centraal gezag blijft het Duitse rijk een lappendeken
van feodale staten en staatjes. Vooral tijdens het Grote Interregnum worden
er talrijke kastelen gebouwd. In die periode ontbreekt het de Duitse keizers
aan macht. Zij zijn slechts stromannen voor de grote Duitse keurvorsten.
Onder keizer Friedrich II breekt
deze tijd reeds aan.
Omstreeks 1300 bestaan er circa tienduizend ridderburchten. Het gebrek
aan gezag betekent tevens dat roofridders vrij spel hebben. Het is de
tijd dat de "Rittergesellschaften" in het Duitse rijk samenkomen om hun
krachten te bundelen tegen steden of andere territoriale vorsten. Het
smeden van politieke allianties speelt een rol bij alle kleine en grote
vorsten, ook bij de graven (later hertogen) van Gelre.
Het is ook de tijd dat Frankrijk en Engeland in tegenstelling tot Duitsland
wel uitgroeien tot monarchale staten. De koningen aldaar weten het geld
dat hun steden verdienen aan eigen soldaten te besteden, zodat ze niet
meer van hun leenheren afhankelijk zijn.
Koenraad IV, 1250-1254
Zo zijn er dus twee koningen in het Heilige Roomse Rijk. De afgezette
Friedrich II, in 1254 opgevolgd door landgraaf Koenraad IV van Thüringen,
en Willem II van Holland. Koenraad IV houdt het
niet lang vol, na vier jaar sterft hij op de Wartburg. Met hem komt er
een eind aan het Hohenstaufische huis. Van
1246 tot 1273 doet het Grote Interregnum voor. Geen enkele van de gekozen
Rooms-Koningen wordt als keizer
erkend.
Willem von Holland, 1246-1256
Een stroman gezocht
De politiek van tegenkandidaten voor de keizerstroon bevalt de paus wel.
De Duitse keurvorsten zijn verdeeld over
hun kandidaten en geen enkele keurvorst wenst de hachelijke zaak van de
paus te steunen. Zij zoeken een willige pion. Het is waarschijnlijk dat
na de hertog van Brabant en graaf Otto
II van Gelre Willem II van Holland de derde keus is om keizer van
het Heilige Roomse Rijk te worden. Willem II is een jonge neef van de
hertog van Brabant. Dat hij wel wil, pleit meer voor zijn moed dan voor
zijn verstand. Hij wordt door de (aarts)bisschoppen van Mainz, Keulen,
Trier, Bremen, Luik en Utrecht gekozen tot Rooms-Koning. Alle keurvorsten
blijven weg. Alleen de hertog van Brabant is als wereldlijke vorst bij
zijn verkiezing aanwezig. De graaf van Gelre, de graaf van Lohn en de
hertog van Limburg willen wel hun steun betuigen, maar niet zonder rijkelijke
betaling. Voor zijn kroning in Aken moet Willem II
eerst deze stad veroveren. De Geldersen helpen van mei tot oktober 1248
met het beleg. Zij dammen een riviertje af en de halve stad komt onder
water te staan. In oktober 1248 wordt Willem II officieel tot Rooms-Koning
gekroond in de oude paltskapel van Karel
de Grote.
Eindelijk keizer?
In 1250 sterft Friedrich II en iedereen doet maar raak. Allerlei vetes
worden uitgevochten en handelsreizigers zijn niet veilig meer. Dit noopt
de handelssteden een groot verbond te sluiten. Zij brengen troepen in
het veld om hun handel te beschermen. Deze federatie van steden stelt
zich onder bescherming van Willem II, wiens papieren nu stijgen. De paus
wil hem nu te Rome tot keizer kronen.
Ten onder in West-Friesland
Zoals altijd is er wel wat met de West-Friezen.
Voordat Willem II naar Rome gaat, wil hij eerst zijn noordgrens veilig
weten. In de winter van 1255/56 vriezen de Friese wateren dicht en Willem
II acht het moment rijp om op rooftocht
te gaan.
Een helft van het leger vertrekt uit Alkmaar richting Hoorn en Willem II zou met de andere helft via Heerhugowaard en Berkmeer gaan. Willem II rijdt echter te paard zo ver voor zijn troepen uit dat de boeren hun kans schoon zien om al vast één ridder uit te schakelen. Dat ze daarmee de aanstaande keizer van zijn paard slaan is ze op dat moment niet duidelijk. Willem II is ten onder gegaan door eigen stomme schuld. Dapper, maar dom.
Hoe anders had
de geschiedenis kunnen verlopen met een Hollander in Duitsland aan de
macht!
Richard von Cornwall, 1256-1273
De volgende stroman is een Engelsman. Richard van Cornwall mag graaf
Willem II opvolgen als troonpretendent. Ook hij kan geen potten breken tussen de Duitse keurvorsten.
In 1273 komt er een eind aan de inmenging van buitenaf. Graaf Rudolf
I van Habsburg wordt tot Rooms-Koning gekozen. Keizers van diverse
huizen grijpen achtereenvolgens de macht in het Heilige Roomse Rijk.
|
|