| |
"Kasteel Borculo"
Bijbehorende noten
Verantwoording
Om de leesbaarheid op het web te verhogen heb ik er voor gekozen de tekst
niet te ontsieren door voetnoten en literatuurverwijzingen. De geraadpleegde bronnen en literatuur zijn op een aparte pagina verzameld.
Langzamerhand zal op deze literatuurpagina een volledig notensysteem worden gerealiseerd. Voor oudere hoofdstukken geldt dat pas bij een revisie noten worden toegevoegd.
Meer over ontstaan, doel en de uitgebreide
verantwoording van deze site.
Terug naar hoofdstuk.
- H.T.
Waterbolk, Drenthe, Salland en Twente in de vroege Middeleeuwen
- Overwegingen van een archeoloog, In: Feestbundel aangeboden aan prof.
dr. D.P. Blok, redactie: J.B. Berns e.a., Uitgeverij Verloren, Hilversum,
1990, p366.
B. te Vaarwerk, Kwamen de heren van Borculo
uit Eibergen?, In: Kleine Reeks, nr. 3, Stichting Stad en Heerlijkheid
Borculo, Kousman B.V., Borculo, 1995, p41.
B. te Vaarwerk, De
Berkel, Op: Stad en
Heerlijkheid Borculo.
- B.
te Vaarwerk, 1995, p33, 39.
"De 'afsplitsingstheorie' veronderstelt dat het
gebied zich van de vroegste tijden af als één, kant en klaar geheel
heeft gepresenteerd. Door de daad ontstond een nieuwe van alle rechten
voorziene heerlijkheid. Dit lijkt weinig waarschijnlijk, want, zoals
nog aangetoond zal worden, verwierf Borculo pas later aanzienlijke rechten
en bezittingen en hoven."
W. Kohl, Das Bistum
Münster, In: Germania Sacra Neue Folge - Die Bistümer Der Kirchenprovinz
Köln, 37-1, Walter de Gruyter, Berlijn, 1999, p588.
B. te Vaarwerk, Het
Munsterse leen Borculo, Op: Stad
en Heerlijkheid Borculo.
- A.H. Martens van Sevenhoven,
De ridderschap van Borculo, In: Bijdragen en Mededelingen Vereniging
Gelre, deel XXVII, S. Gouda Quint, Arnhem, 1924, p229-231.
- J. Riefert, Münsterische
Urkundensammlung, Band IV, Wittneven, Coesfeld, 1832, nr. XXIII. R.
Stenvert e.a., Monumenten in Gelderland, Waanders Uitgevers, Zwolle,
2000, p118.
- J. Harenberg, Eens
bolwerk van de adel, Canaletto/Repro Holland, Alphen aan den Rijn, 1999,
p15.
J. Harenberg, Geneugten van het buitenleven,
Canaletto/Repro Holland, Alphen aan den Rijn, 2003, p46-50.
Terug naar hoofdstuk.
|
Gegeven in den jair ons Heren, doen men screeff
MM ende IV des Manendages nae den vierden Sonnedages na Pasen, dat
was op ten achsten ende tienden dach der maent van Aprilis.
Alfred
Stern, 2005
|
 |
 |
|
|