Kasteel Bronckhorst, anno 1743

Willem III, 1315-1328

Heer van Bronckhorst

Wapen van Bronkhorst

Bronckhorst plus Batenburg min Rekem

Kasteel Batenburg in de Betuwe, anno 1999.Noot 1Willem III volgt in 1315 zijn vader Gijsbert IV als heer van Bronckhorst op. Dat is niet de enige heerlijkheid die hij onder zijn hoede heeft. Door zijn huwelijk met de Batenburgse Johanna (†28-11-1351) verwerft hij ook de gelijknamige heerlijkheid Batenburg, inclusief kasteel. Johanna is de ergename van Dirk van Batenburg en Mechteld. Hierdoor stijgt het aanzien van de Bronckhorsten aanzienlijk. Kasteel Batenburg is een van de oudste en indrukwekkendste kastelen van Gelderland.
Willem III is de laatste van het geslacht Bronckhorst die in verband met Rekheim wordt genoemd. In 1317 wordt dit goed verkocht aan Gerhard van de Marck. Vermeulen vermoedt dat Willem III Johanna's zuster Richardis moet uitkopen en dat hij daarom Rekem van de hand doet.
Willem III en Johanna krijgen vier kinderen: Catharina(?), Gijsbert (V), Dirk (I) en Baldewijn. Catharina trouwt met Rudolf van Sinderen, een zoon van Dirk van Sinderen.

Onroerendgoedperikelen

Noot 2Rekem is niet het enige bezit dat Willem III en Johanna van de hand doen. Zij verkopen in 1318 allodiaal bezit in Haren en in 1324 verkopen zij het leengoed Hackfort. Het laatste wordt niet aan een willekeurige persoon verkocht, maar aan de eega van een kleindochter. Hackfort blijft wel leengoed van Bronckhorst.
Het eigendomsrecht van kasteel Lichtenvoorde is tijdens Willem III's bewind nog steeds actueel. Bisschop Lodewijk van Munster heeft zich niet bij de situatie neergelegd en Reinald I is niet tot een uitspraak gekomen. Niettemin stemt de bisschop er in oktober 1315 mee in dat de uitspraak wordt uitgesteld naar juni 1316, of nog later. Blijkbaar acht de bisschop zijn kansen op het eigendom van Lichtenvoorde niet zo hoog in. Het is de vraag of er in deze zaak ooit een uitspraak is gekomen.

Militaire traditie

Noot 3Op 23 maart 1321 verklaren Willem III en Johanna dat zij hun ministerialen dezelfde rechten hebben gegeven als de ministerialen van de graaf van Gelre hebben. Gelre dient niet alleen als voorbeeld; Willem III is ook meermalen actief in het Gelderse bestuur. Bijvoorbeeld wanneer de rechten van de stad Zutphen vernieuwd worden, de verpanding van de tol van Lobith aan Zutphen en wanneer hij voor diverse personen als borg optreedt.
Willem III bemoeit zich actief met met de benoeming van zijn broer Jan tot bisschop van Utrecht. Samen met zijn companen Sweder van Wisch en Johan van Baer bezet hij enkele kastelen in Utrecht. Het mag echter niet baten.Jan van Bronckhorst moet zijn meerdere erkennen in Jan van Diest.
In 1328 zijn de inwoners van Luik in opstand gekomen tegen hun bisschop. Deze bisschop is een broer van graaf Reinald II. De graaf besluit een leger te sturen om zijn broer te helpen. Willem III, die als maarschalk in dienst bij Reinald II is, voert het leger aan. Willem III sneuvelt in de slag bij Hasselt op 25 september 1328.
Zijn oudste zoon Gijsbert V erft Bronckhorst en Dirk I en Baldewijn krijgen samen Batenburg.

Gegeven in den jair ons Heren, doen men screeff MCM ende XCIX een dach nae Heilige Martinus dat was op ten viertienden dach der maent van Aprili.

Creative Commons LicenseAlfred Stern, 1999-2006

Geraadpleegde bronnen. Deze tekst is geplaatst op 14 april 1999. Laatste wijziging: 18 november 2006.