Gerard I Flamens, 1042-1067/78

Bijbehorende noten

Verantwoording

Link naar voetnoten en literatuurverwijzingen Om de leesbaarheid op het web te verhogen heb ik er voor gekozen de tekst niet te ontsieren door voetnoten en literatuurverwijzingen. De geraadpleegde bronnen en literatuur zijn op een aparte pagina verzameld.
Langzamerhand zal op deze literatuurpagina een volledig notensysteem worden gerealiseerd. Voor oudere hoofdstukken geldt dat pas bij een revisie noten worden toegevoegd.
Meer over ontstaan, doel en de uitgebreide verantwoording van deze site.

Terug naar Gerard I Flamens.

  1. H.H. Jongbloed, De Flamenses in de elfde eeuw, In: Bijdragen en Mededelingen, deel XCIX, Vereniging Gelre, Arnhem, 2008a, p40-45.
  2. J.A. Coldeweij, De heren van Kuyc (1096-1400), Stichting Zuidelijk Historisch Contact, 1981, p8, 13, 15.
    H. Halbertsma, Frieslands Oudheid, Uitgeverij Matrijs, 2000, p116.
    J.M. van Winter, Het (palts)graafschap Zutphen en het Hamalandse gravenhuis, In: Bijdragen en Mededelingen Gelre XCII, Arnhem, 2001, p57.
    A. Kos, Machtsstrijd in Hamaland, In: Jaarboek Middeleeuwse Geschiedenis, Uitgeverij Verloren BV, 2002, p36.
    H.H. Jongbloed, Tussen 'paltsverhaal' en 'IJssellinie', In: Bijdragen en mededelingen, deel XCVII, Vereniging Gelre, Arnhem, 2006a, tabel.
    H.H. Jongbloed, Immed "von Kleve" (um 950) - Das erste Klevische Grafenhaus (ca. 885 - ca. 1015) als Vorstufe des geldrischen Fürstentums, In: Annalen des Historischen Vereins für den Niederrhein, Heft 209, 2006b, p35.
    H.H. Jongbloed, 2008a, tabel.
  3. OGZ, nr. 121, 130.
    Alpertus, Gebeurtenissen van deze tijd, vertaald en ingeleid door H. van Rij, Uitgeverij Verloren, Hilversum, 1999, p51, 69-73.
    J.A. Coldeweij, 1981, p17.
    J.M. van Winter, Ansfried en Dirk, twee namen uit de Nederlandse geschiedenis van de 10e en 11e eeuw, In: Naamkunde, Jg. 13, 1981, p61.
    J.M. van Winter, 2001, p57.
    A. Kos, 2002, p35.
    H.H. Jongbloed, 2008a, p40, 46, tabel.
    K.H. Schreiber, Mittelalterliche Genealogie im Deutschen Reich bis zum Ende der Staufer (MGDRES), Ardennergrafen, Godfried II.
  4. MGH SS XVI, p699
    MGH DD K II, nr. 189
    MGH DD H III, nr. 208
    R. Kötzke, Die Urbare der Abtei Werden a.d. Ruhr, Bd. 2, Droste Verlag, Düsseldorf, 1978, p124 §39.
    H. Verdonk, De oorsprong der graven van Gelre, Lelystad, 1992, p6.
    E. Balzer, Adel - Kirche - Stiftung Studien zur Geschichte des Bistums Münster im 11. Jahrhundert, Aschendorff Verlag, Munster, 2006, p156-159.
    H.H. Jongbloed, 2006a, p90, 125 noot 190.
    H.H. Jongbloed, 2008a, p42-45, 79-80 noot 86.
    H.H. Jongbloed, 'Cold case' Upladen (oktober 1016), In: Jaarboek voor Middeleeuwse Geschiedenis, Volume 11, Uitgeverij Verloren, Hilversum, 2008b, p51-52.
  5. MGH SS XVI, p689
    OGZ, nr. 168
    UB Niederrhein nr. 207
    J.M. van Winter, 1981, p63.
    H.H. Jongbloed, 2008a, p45-46, tabel.
    K.H. Schreiber, MGDRES, Ardennergrafen, Gozelo I, Gozelo II, Godfried III.
  6. OGZ, nr. 185.
    H. Verdonk, De oorsprong der graven van Gelre, Lelystad, 1992, p13-14, 27.
    H.H. Jongbloed, 2006a, p130 noot 240.
    H.H. Jongbloed, 2008a, p35, 46-47, 80-81 noot 96, tabel.
    K.H. Schreiber, MGDRES, Matfride, Megingoz.
    K.H. Schreiber, MGDRES, Luxemburger, Friedrich II.

Terug naar Gerard I Flamens.

Gegeven in den jair ons Heren, doen men screeff MM ende III des Dingxdages nae sunte Thomas Becket dach, dat was op ten dertigsten dach der maent van Decembri.

Creative Commons LicentieAlfred Stern, 2003-2009

Deze tekst is geplaatst op 30 december 2003. Laatste wijziging: 18 april 2009.