Gerard IV, 1178-1182
Graaf van Gelre en graaf van Zutphen

Onduidelijke titel

Wapen van Boulogne.Het is onduidelijk of Gerard IV zich met de titel graaf van Gelre en Zutphen mag tooien. Zijn bejaarde vader Hendrik I leeft immers nog. Niettemin draagt Gerard IV de titel graaf van de Veluwe, dus graaf is hij wel. Aangezien hij de leiding over de graafschap in 1178 van zijn vader overneemt en een eigen politiek volgt, beschouwt men hem als een volwaardige graaf van Gelre.
In 1181 trouwt Gerard IV met Ida van Boulogne, dochter van Matteus van Vlaanderen (1138-1173) en Maria van Boulogne (overleden 1180/2). Gerard IV neemt het wapenschild van haar over. Gerard IV is nu tevens graaf van Boulogne.
Er wordt gedacht dat het wapen van Boulogne terug gaat tot de tijd van Karel de Grote, maar bewijzen zijn hiervoor niet. Zeker is dat het wapen op lansvanen gevoerd wordt in de tijd van Willem de Veroveraar, begin elfde eeuw. Men kan deze lansvanen echter niet in verband brengen met Eustatius van Boulogne, die in deze tijd de Vlaamse troepen op de veroveringstocht naar Engeland aanvoert. Het is niet verrassend dat Gerard IV dit fameuze wapen gaat voeren. De roemrijke tijden van Willem de Veroveraar zijn eind twaalfde eeuw nog niet vergeten.

Conflict met Utrecht

Gerhard III's erfenis en nalatenschap in De Graafschap.In 1179 ontstaat het eerste openlijke conflict met Utrecht. De oorzaak daarvan ligt bij de hertog van Brabant. Deze is van mening dat de Veluwe een rijksleen is. Dat houdt in dat hij het van de keizer in leen zou hebben en niet van de bisschop van Utrecht. Derhalve vindt hij dat hij de bisschop geen leenhulde (soort belasting) is verschuldigd.
Gerard IV heeft het op zijn beurt weer in leen van hertog, zodat de situatie gecompliceerd ligt. In 1179 wenst de hertog van Brabant voor de zoveelste keer geen leenhulde aan Utrecht te geven. Hierop verklaart bisschop Boudewijn II dat de rechten van Brabant zijn vervallen en derhalve moet de Veluwe het zonder landsheer stellen. Een bijkomende zaak is dat bisschop Boudewijn II niet welgevallig naar de Gelderse rechten op de Veluwe zal hebben gekeken. Gelre dreigt een wig te drijven tussen het Neder- en het Oversticht (later Overijssel). Hierdoor kan hij niet meer veilig over land van Utrecht naar Oversticht komen. Met een groot leger trekt hij daarom de Veluwe binnen.
Friedrich BarbarossaDe Gelderse rechten zijn hiermee echter ook in het geding gekomen. Overigens heeft Gelre al sinds de elfde eeuw de voogdijrechten over goederen van de Utrechtse Mariakerk, die op de Veluwe zijn gelegen. Gerard IV kan de inval niet over zijn kant laten gaan. Vanuit Zutphen valt hij Deventer aan om zich schadeloos te stellen. Gedurende vier dagen slaat hij voor Deventer het beleg op. Het begin van eeuwenlange twisten tussen Zutphen en Deventer! Deventer hoort bij het Oversticht, dus bij het bisdom Utrecht en dient derhalve als genoegdoening. Toevallig verblijft keizer Friedrich Barbarossa op het valkhof te Nijmegen en hij komt tussenbeide. Hij weet te bereiken dat men van weerskanten iets toegeeft. Gerard II heft het beleg van Deventer op en blijft in bezit van de Veluwe. Dat is dan slechts een deel van het latere Kwartier Veluwe. Zo is bijvoorbeeld Doorwerth een zelfstandige heerlijkheid, evenals de heerlijkheden Putten en Velp. De Veluwe zou de komende jaren steeds de verhouding tussen Utrecht en Gelre bepalen.

Een kort leven

Na dit succes is het Gerard IV niet vergund zijn graafschap verder uit te bouwen. Eind 1181 of begin 1182 (de bronnen zijn niet eenduidig) komt hij te overlijden, nog voor zijn vader Hendrik I overlijdt. Gerard IV wordt begraven in de Sint-Walburgiskerk te Zutphen. Zijn broer Otto I volgt hem op. In 1216 zal zijn vrouw Ida hem in zijn graf volgen.

Gegeven in den jair ons Heren, doen men screeff MCM ende XCIX op apostel Jakobus dach.

Creative Commons LicenseAlfred Stern, 1999-2002

Geraadpleegde bronnen. Deze tekst is geplaatst op 25 juli 1999. Laatste wijziging: 12 mei 2002.