| |
Reinald III 'de Dikke', 1371
Hertog van Gelre en graaf van Zutphen
Bevrijd uit Nijenbeek
Na
de plotselinge dood van Eduard wordt Reinald
III uit zijn gevangenschap op Nijenbeek bevrijd om opnieuw hertog van
Gelre te zijn. Hij is al hertog geweest van 1343
tot 1361. Het gerucht gaat dat er een muur van zijn kamer moet worden
uitgebroken, omdat hij vanwege zijn postuur niet meer door de deur naar
buiten kan.
Waarschijnlijk lijdt hij aan waterzucht of een vertraagde werking van
zijn schildklier. Niettemin wordt Reinald III bekend als 'de Dikke', of
meer middeleeuws: 'de Vette'. In de ruïne van dit kasteel is nog altijd
de kleine kamer te zien waar Reinald III heeft gezeten.

De nieuwe rondreis
Voor de tweede keer reist Reinald III de steden rond, waarbij zijn onderdanen
opnieuw een eed van trouw afleggen. Veel vertrouwen in zijn bestuursbekwaamheid
hebben de stedelijke en edele machthebbers niet, want Reinald III moet
op zijn beurt beloven dat de standen inspraak hebben op het muntprivilege
en dus het landsbestuur. De grote steden weten de komende maanden nog
meer landsheerlijke rechten te verwerven.
De plotselinge fysieke inspanning en geestelijke stress worden Reinald
III snel te veel. De overgang van het rustige leven op Nijenbeek naar
de dagelijkse bestuurlijke beslommeringen is hem te veel. Al na drie maanden
wordt hij ziek en op 8 december 1371 sterft hij op 38-jarige leeftijd.
De laatste Flamens
Voor
het eerst zijn de vijandelijke broers voorgoed verenigd, want Reinald
III wordt naast Eduard in het klooster 's-Gravendaal begraven. Geheel
volgens de traditie gaan schild en helm met hem het graf in, want de mannelijke
lijn van het huis Flamens is na ongeveer
350 jaar uitgestorven. Niemand zal deze attributen nog mogen dragen.
De strijd om de opvolging tussen Reinald III's
halfzusters begint. De voorspelling
van Eleonora van Engeland is uitgekomen, tot
grote spijt van de Geldersen die nu onzekere tijden tegemoet gaan.
|
|