Werner I van Zuid-Hamaland (1025-1040)

Graaf van Zuid-Hamaland

Verwant aan de Hamalanders

Noot 1Werner I Ψ is mogelijk een zoon uit het huwelijk van Meingaud van Ladengouw Ψ met een dochter Ψ van Werner VI van Haspengouw Ψ. Meingaud is overigens een neef van de bekende Megingoz van Gelre Ψ. De familie is dus geen onbekende in het Nederrijnse gebied. Het plotselinge optreden van Werner I in de Liemers na de ondergang van Hamaland is nooit goed verklaard. Op deze website wordt een reconstructie van Jackman gevolgd om een mogelijke opkomst in beeld te brengen.
Over het algemeen staat Jackman alleen in zijn reconstructies, maar het biedt in ieder geval een denkrichting. Opvallend is dat hiermee een suggestie uit 1917 (!) van De Nerêe tot Babberich bevestigd wordt, dus Jackman staat in dit geval niet helemaal alleen. De Nerée tot Babberich stelt de naam Wecelo (Wecelonis) die rond 1050 in een oorkonde voorkomt gelijk aan Werner (Wernher), graaf van Opper-Lahngouw in Hessen, en beschouwt hem als een zoon van een andere Werner. In een andere oorkonde komt nog een Werner - vermoedelijk een zoon van Werner I - voor als graaf in 'Littore Rheni', waaruit blijkt dat hij langs de Rijn actief is.

Wanneer Hamaland ten onder gaat en het graafschap zonder erfgenamen achterblijft zal keizer Hendrik II Ψ een hem meer goedgezinde graaf aan willen stellen. Directe erfgenamen zijn er niet, zodat de keizer uit een wijdere kring kan kiezen.

Bannerheer van de keizer

De familie van Werner I brengt, volgens Jackman, de banierdragers van de keizer voort. Dit ambt is behalve prestigieus ook gevaarlijk, want de bannerheer draagt de vlag bij de eerste aanval en gaat letterlijk voor in de strijd. Om deze reden worden bannerheren in het algemeen niet oud.
De bannerheer is veiligheidshalve nooit de oudste zoon van de familie, maar altijd een jongere zoon. De oudste zoon wordt op het slagveld begeleid door het lokale leger. Op deze wijze worden de (lokale) familiebelangen beschermd. Jongere zonen kunnen zich op een meer avontuurlijke wijze op het slagveld profileren, zodat zij door hun strijdvaardigheid opvallen en in de gunst komen van de keizer. De gunsten van de keizer kan een jongere zoon, die geen aanspraken op het gehele familiegoed heeft, flink vooruit helpen.

Oorsprong en traditie

Een middeleeuwse bron geeft aan dat Gerold II Ψ de eerste bannerheer is. Gerold II is de broer van koningin Hildegard Ψ, echtgenote van Karel I 'de Grote' Ψ, en treedt op als prefect van Beieren. Zo ontstaat de traditie dat de bannerheer de eer van de keizerin op het slagveld verdedigt.
Herman 'de Lamme', vermaard kroniekschrijver en een tijdgenoot van Werner I, bevestigt dat Gerold II de eerste bannerheer is, zodat er twee bronnen zijn die de oorsprong bevestigen. Gerold II is waarschijnlijk de tweede broer van Hildegard, zodat de traditie dat jongere zonen het ambt erven vanaf het begin bestaat. Deze erfopvolging is zo regelmatig dat een stamboom van bannerheren opgesteld kan worden.

bannerheren v2 Het ambt is generaties lang overerfbaar binnen de familie der Konradijnen, om precies te zijn bij de Eberhardingers, een juniortak van Hildegards familie. De Eberhardingers hebben het geluk dat zij voldoende zonen produceren om het ambt uit te oefenen.
De enige oudste zoon die de vlag draagt is Koenraad 'Kurzbold' Ψ. Koenraads jongere broers zijn nog minderjarig, wanneer zijn vader Eberhard (I) Ψ in 902 sneuvelt in de Babenberger vete. Koenraad rijdt in 933 vooraan in de slag bij Riade tegen de Magyaren. De bijnaam 'Kurzbold' slaat waarschijnlijk op 'curcebold', de vrouwelijke korte mantel, die hij draagt.

Vertrouweling van de keizer

Keizer Hendrik II kent de bannerheerlijke familie goed. Mogelijk delen zij zelfs via hertog Arnulf (I) van Beieren 'de Slechte' Ψ een bloedband en beschouwt hij Werner I als nabije familie. Wanneer het ambt in Hamaland vrij komt hoeft Hendrik II niet lang te zoeken naar een geschikte kandidaat.
De dood van de keizer in 1024 is vervelend, maar gooit voor Werner I geen roet in het eten, want Werner I is via zijn gelijknamige grootvader nog nauwer verwant aan Koenraad II Ψ dan aan Hendrik II.

Familiebanden Werner I met keizers.

Erfgenaam in Zuid-Hamaland?

Koenraad II geeft Werner I in 1025 de goederen die van Adela Ψ en/of Balderik Ψ zijn. De goederen liggen voornamelijk in Zuid-Hamaland en de aangrenzende Veluwe. Het gaat om goederen in Hummelo, Angerlo, Voorthuizen, Didam, Eliza, Swelle, Merclede (Veluwe), Tongeren, Doesburg, Dieren, Hecra, Soeren, Hecheim, Dule, Doornspijk, Helbergen, Voorst, Azewijn, Eltna, Lopena en Westervoort.
Onzeker is of de keizer Werner I ook als graaf aanstelt in Zuid-Hamaland en Teisterbant.
Over de vraag of of Werner I graaf wordt verschillen de meningen. Een later vermelde 'Wecelo' (Werner I's zoon) is echter wel graaf in Zuid-Hamaland, zodat vermoedt kan worden dat Werner I het Hamalandse grafelijke ambt tussentijds vervuld. Of hij erfgenaam is en een bloedband deelt met de Hamalander familie is vooralsnog onduidelijk.
Via zijn vrouw Irmengard Ψ, dochter van graaf Frederik van Hessengouw Ψ, wordt Werner I ook graaf in de Hessengouw.

Bouwheer van Opladen?

Werner I tracht vaste grond onder zijn voeten te krijgen in de hem toebedeelde gebieden. Het is niet uit te sluiten dat hij om deze reden Opladen (Montferland), het voormalige machtscentrum van Balderik en Adela, laat herbouwen. Dit motte-kasteel is na het beleg van Opladen in 1016 door Hendrik II verwoest.
Mogelijk is het ook Werner I die opdracht geeft om op de motteheuvel een tufstenen toren te bouwen. Het bouwjaar van deze toren is middels opgravingen aan het begin van de elfde eeuw gedateerd. Alpert van Metz vermeldt op zijn beurt geen stenen toren in zijn kroniek, terwijl dit in het Nederrijnse gebied zeker opmerkelijk zou zijn. Indirect zou hieruit afgeleid kunnen worden dat de toren er in Alperts tijd niet staat, of dat hij deze niet vermeldt omdat de toren niet is voltooid.

Bannerheren worden niet oud

Werner I en Irmingard krijgen vier kinderen: Liutfried Ψ, Werner II Ψ, Herman Ψ en een van naam onbekende dochter Ψ. Herman wordt in 1051 abt van Einsiedeln en de dochter trouwt met Adalbert II Ψ, graaf van Rijngouw. Dit paar worden de stamouders van de graven van Calw.
Wanneer Werner I's broer Eberhard (V) Ψ tussen 1030 en 1035 overlijdt volgt Werner I hem op als bannerheer van keizer Hendrik III Ψ.
Werner I zal de functie niet lang vervullen, want op 22 augustus 1040 sneuvelt hij tegen de Bohemen in dienst van de keizer. Zo blijkt eens te meer dat bannerheren voornamelijk in het zadel sterven.
Broer Liutfried sneuvelt in dezelfde slag, zodat Werner II als enige overgebleven wereldlijke zoon zijn vader in al zijn ambten opvolgt.

Literatuur

  1. R.J.K.M. de Nerêe tot Babberich, De Lymers en hare havezaten, In: Bijdragen en Mededelingen Vereniging Gelre, deel XX, S. Gouda Quint, Arnhem, 1917, p17.
    D.C. Jackman, Criticism and critique, Prosopographica et Genealogica, vol. 1, Unit for Prosopographical research, Oxford, 1997, p202-211.
  2. Oorkondenboek der graafschappen Gelre en Zutphen, Mr. L.A.J.W. Baron Sloet,
    Nr. 152 en 164,
    Martinus Nijhoff, 's-Gravenhage, 1872-1876.
  3. The Konradiner, Donald C. Jackman,
    Vittorio Klostermann, Frankfurt am Main, 1990.
  4. Die Grafen von Hamaland und Zutphen, Ralf G. Jahn,
    Geldrischer Heimatkalender, vol. 1992, 1992.
  5. Machtsstrijd in Hamaland, Anton Kos,
    In: Jaarboek voor middeleeuwse geschiedenis 5,
    Uitgeverij Verloren BV, Hilversum, 2002.
  6. German counties, Donald C. Jackman.
  7. K.H. Schreiber, Mittelalterliche Genealogie im Deutschen Reich bis zum Ende der Staufer, Familie der Grafen Werner.

Gegeven in den jair ons Heren, doen men screeff MM ende IV des Wonnesdages op sunte Ephraem de Syrier dach, dat was op ten negenden dach der maent van Junio.