 |
Kasteel Keppel
Anno 2000
|
 |
Algemene informatie
Kasteel Keppel is een van de mooist bewaarde kastelen in De Graafschap.
Het ligt in Laag-Keppel, circa vijf kilometer oostelijk van Doesburg aan
de N317 in de richting van Doetinchem.
Het kasteel is niet vrij te bezoeken, maar na een schriftelijk verzoek
gericht aan de rentmeester kan een rondleiding afgesproken worden. Het adres is: Ing. F.A. van Lynden RT,Postbus 24, 6670 AA Zetten.
En wie er toch is voor een bezoek kan meteen het nabijgelegen watermolencomplex
uit de veertiende eeuw aan de Oude IJssel bewonderen.

Na de Middeleeuwen
Kasteel Keppel heeft in de Middeleeuwen veel
te doorstaan. Ook in de Tachtigjarige Oorlog heeft het kasteel veel te
lijden. De heren van Keppel zijn Spaansgezind en op 29 september 1581
nemen Staatse troepen het kasteel in. Frederik
van Pallandt, heer van Keppel, leidt hoogstpersoonlijk de tegenaanval
en krijgt zijn eigendom terug.
Een jaar later, op 30 september, vallen de Staatsen opnieuw aan. Blijkbaar
zijn ze zuinig op de voorraad buskruit, want het kasteel wordt op ouderwetse
wijze verwoest. Johan van Pallandt schrijft:
".niet alleen sijne bouhoven tot Keppel afgebrand
waren, maer oock het huis Keppel . ende sijn oock die muuren toornen van
'selve huis onder uitgehouwen en gestapelt geweest met houte materialen
ende dezelve daerna met vir ontsteeken wesende, sijn die mueren oock in
de gront geraseert ende nedergeworpen."
Herbouwd tijdens Twaalfjarig Bestand
Pas
in 1609 wordt begonnen met de herbouw, waarbij gebruik gemaakt wordt van
afbraaksteen, hetgeen nog steeds te zien is. In dat jaar wordt aangevangen
met de herbouw van de stal op het voorplein. In 1612 gaat het werk verder
onder leiding van de Emmerikse stadsbouwmeester Willem
van Bommel. Deze krijgt de opdracht tot volledige herbouw van het
kasteel. Hierbij moet hij gebruik maken van het nog staande muurwerk en
afbraaksteen, waardoor het oude karakter van Keppel wordt bewaard.
In 1614 is hij klaar met de donjon, waarvan een gevelsteen getuigt. Van
de donjon zal gezien het stevige fundament wel het meeste overeind zijn
blijven staan. Daarna wordt de imposante renaissance topgevel tegen de
gerestaureerde zijgevels van de poort gezet. De pleingevel is grotendeels
gespaard gebleven. Muurankers geven aan dat dit werk in 1615 af is.
De zaalvleugel is waarschijnlijk het zwaarst getroffen en wordt in 1619
en 1620 onder handen genomen. In het voorste deel komt de grote zaal en
in het achterste deel de keuken. De traptoren aan de achterzijde van de
poort komt het laatst aan de beurt en is evenals de zaalvleugel afgebouwd
in 1620.
Bernhard van Galen en Lodewijk XIV
In september 1665 wordt het kasteel ingenomen door de Munsterse bisschop
Bernhard van Galen, in de Achterhoek beter
bekend als 'Bommen Berend'. In april 1666 wordt het kasteel door hem ontruimd,
waarna de verdedigingswerken worden afgebroken.
In 1672 wordt het kasteel als hoofdkwartier ingericht voor Lodewijk
XIV. In dat jaar wordt veel schade aangericht door plunderende Franse
en Munsterse soldaten. Mogelijk betreft het alleen interieurschade.
Nieuwe uitbreidingen
Na
de Tachtigjarige Oorlog breken rustiger tijden aan voor het kasteel. Het
echtpaar August Leopold van Pallandt
en Sophia Dorothea van Lintelo laten het kasteel
vanaf circa 1740 flink naar achteren uitbreiden door bouwmeester Gerrit
Ravenschot. Hij levert zijn werk op in 1750.
In 1762 verhuist de keuken van de zaalvleugel naar de kelder onder de
donjon. In 1780 wordt het poortgebouw ingrijpend veranderd. De wens is
een grotere entree, zodat de eerste verdieping wordt uitgebroken, samen
met de poort en de poortkamer. Deze nieuwe ontvangsthal wordt middels
een trap verbonden met de grote zaal.
De vensters in de grote zaal worden aan de pleinkant dichtgemetseld om
ruimte voor de familieportretten te creëren. De ophaalbrug verdwijnt en
in de plaats daarvan wordt een dam aangelegd.
Eindelijk verbinding
Pas in 1850 volgt de laatste grote verbouwing van het kasteel onder
Frederik Willem Floris Theodoor van Pallandt.
Dan worden aan de achterzijde de IJssel- en de zaalvleugel met elkaar
verbonden. Eindelijk is kasteel Keppel af; er zijn heel wat jaren verstreken
sinds de bouw van de donjon uit 1300! De bouwgeschiedenis
wordt aanschouwelijk gemaakt in een Flash-presentatie.

De voorburg
De voorburg op het voorterrein heeft de eeuwen niet ongeschonden overleefd.
Oorspronkelijk staan hier twee bouwhuizen, waarvan er een tegelijkertijd
met de ophaalbrug is afgebroken. Het overgebleven bouwhuis kent evenals
het hoofdgebouw een bouwgeschiedenis van vele eeuwen, waarvan de geknikte
vorm getuigt. De laatgotische korte voorzijde en de daarnaast geplaatste
'Dieventoren' stammen mogelijk nog uit de zestiende eeuw. De voorgevel
van het bouwhuis is achttiende-eeuws.
De tuinaanleg uit de achttiende eeuw is verdwenen, de oprijlaan loopt
niet meer recht naar het huis toe en het grootste gedeelte van de gracht,
behalve die om het huis, is inmiddels gedempt.
Het interieur
De
binnenkant van kasteel Keppel is net zo fraai als de buitenkant. Joseph
Peretti vervaardigt in 1780 het stucwerk in de ontvangsthal, de grote
zaal en de blauwe salon.
Het belangrijkste vertrek is de grote zaal met haar imposante schouw uit
circa 1680 met portret en kwartierwapens van Adriaan Werner van Pallandt.
Hier hangt ook een serie vroeg achttiende-eeuwse vorstenportretten van
de familie Van Lintelo, die door een huwelijk naar Keppel is gekomen.
Achter de grote zaal is de biljartkamer te vinden met originele papieren
behangsels uit het begin van de negentiende eeuw. Op de begane grond van
de westelijke toren bevindt zich de blauwe salon, een bijna vierkant vertrek
met een gewelfd plafond. Hierachter ligt de muziekkamer waar geschilderde
behangsels uit 1716 van Dirk Dalens hangen, die
van elders komen. Daarachter ligt de eetkamer met eveneens geschilderde
behangsels en aangrenzend aan de zuidhoek de zitkamer met gobelins uit
de achttiende eeuw. Hier staat tegenwoordig weer een blauwe hemelbed dat
in 1984 in bruikleen was gegeven aan Paleis Het Loo.

Anno 2000
Sinds 1962 is het kasteel in bezit van de Pallandt van Keppel Stichting,
die het mogelijk heeft gemaakt om kasteel, inboedel en park bijeen te
houden, zodat het nog door de familie kan worden bewoond. De huidige bewoners
zijn baron en barones van Lynden-Rutgers van Rozenburg.
Welwillend staan zij op afspraak rondleidingen
toe die zeer de moeite waard zijn.
|