Wapen van de gemeente Doetinchem.

 

Na de middeleeuwen

Vlag van de gemeente Doetinchem.

Geen sporen meer

De stadsbrand in 1527 heeft vrijwel alle restanten van de Middeleeuwen in Doetinchem uitgewist. Pas na de stadsbrand worden huizen uit steen opgetrokken. De Tachtigjarige Oorlog en bombardementen in de Tweede Wereldoorlog hebben eveneens middeleeuwse sporen in de stad uitgewist.
De dubbele grachtengordel wordt gedempt om de groei van het verkeer mogelijk te maken. De vier machtige poorten maken plaats voor nieuwe bebouwing en ontsluiting van de binnenstad mogelijk te maken. Tegenwoordig proberen de stadsbesturen de stad weer autovrij te maken, het kan verkeren. Doetinchem heeft zich in de afgelopen eeuw ontwikkelt tot een gezellige winkel- en uitgaansstad voor de regio. De binnenstad is hierdoor bezaaid met winkels en cafés.

Wie een beeld wil krijgen van het middeleeuwse Doetinchem moet veel fantasie gebruiken. Er zijn een paar restanten zichtbaar die aan die tijd herinneren, helaas niet genoeg om een wandeling uit te zetten. De spaarzame middeleeuwse restanten worden hieronder belicht.
In de Grutstraat bevindt zich het stadsmuseum met in de collectie een mooie maquette van oud Doetinchem.

Middeleeuwse restanten

 

Het huidige Doetinchem met hierop de middeleeuwse gracht geprojecteerd.

Maak het oude middeleeuwse grachtenstelsel om Doetinchem zichtbaar door met de muis over de plattegrond te bewegen. De grachten verdwijnen weer als u de plattegrond met de muis verlaat.

De gasthuiskapel

Gasthuiskapel in Doetinchem, anno 2002.De Gasthuisstraat en de Gasthuissteeg zijn beide genoemd naar het middeleeuwse Driekoningengasthuis. Dit gasthuis heeft als opvang voor zieken, armen en ouderen gediend. Van dit gasthuis resteert nog de laatgotische Lutherse kapel. De kapel dateert uit het einde van de vijftiende eeuw en is in juli en augustus op zaterdagmiddag te bezichtigen.

Het goed Brewinc

Aan weerszijden van de Waterstraat strekt zich het goed uit. Het oude machtscentrum (hof) van de graaf. Dit goed moet een groot deel van de binnenstad hebben beslagen en strekt zich voornamelijk ten westen van de Waterstraat uit. Het goed wordt in 1228 voor het eerst in de bronnen genoemd. Graaf Otto I van Gelre Ψ schenkt dan landerijen en hoeves van dit goed aan het nabij gelegen klooster Betlehem, maar behoudt de hof.
De helling van het terrein is geëgaliseerd door de rivierduin af te graven. De bodem is daardoor ongeveer zestig centimeter opgehoogd. Het vlakke terrein is vervolgens bebouwd met enkele houten huizen en een groot gebouw van negen bij tien meter. Dit laatste gebouw is gevonden ter hoogte van de Korte Kapoeniestraat. Daarnaast is afval van een ijzersmid gevonden.

Foto van de Gruitpoort in Doetinchem rond 1850 (C. Rensink).

De Gruitpoort

In de Grutpoort bevindt zich in een restant van de stadsmuur het laatste muurhuis onder een dikke laag groen.
Aan het einde van de Grutpoort staat in de Middeleeuwen de Gruitpoort. Door de Gruitpoort loopt de handelsweg naar Keppel en Doesburg. Deze poort is als laatste in 1862 afgebroken. De naam verwijst naar gruit, een heester die smaak moet geven aan het lokaal gebrouwen middeleeuwse bier. Gruit is een belangrijk handelsartikel en de graaf heeft er via een belastingheffing ook inkomen van.
Aan het begin van de Grutstraat zijn de oudste bewoningssporen van Doetinchem gevonden. Zowel uit het begin van de jaartelling als vanaf de negende eeuw tot heden. Aan de rivierzijde hebben rond het jaar 1100 houten huizen gestaan.

Heren van Barlham

Ten zuiden van de Grutstraat en tegen het goed Brewinc grenzend liggen vermoedelijk de voormalige bezittingen van de heren van Barlham. Deze heren zijn belangrijke vazallen van Gelre, maar oorspronkelijk leenheren van het bisdom Utrecht.
De heren van Barlham hebben veel bezittingen in en om Doetinchem, Wehl en Hummelo, waaronder het nabij Doetinchem gelegen kasteel Barlham. Zij bezitten de voogdijrechten op de kerken in Etten en Doetinchem. Door huwelijk en vererving komen hun bezittingen in 1305 bij de heren van Wisch terecht.

De Catharinakerk

Catharinakerk in Doetinchem, anno 2002.De Catharinakerk stamt uit de zestiende eeuw. In de Tweede Wereldoorlog is de kerk bij een bombarment zwaar beschadigd. Bij de naoorlogse restauratie is de kerktoren tegen de kerk terecht gekomen. Let op de roestbruine stenen in de toren. Dit is, afgezien van hout, het oudste bouwmateriaal in de Achterhoek. Deze stenen bestaan uit ijzeroer en geven roestvlekken op de vingers na aanraking.

Armenhuisjes

In de Walstraat staat in de Middeleeuwen staat de stadsmuur direct achter de zogenaamde ‘armenhuisjes’ in deze straat. De huisjes zijn op het fundament van de stadsmuur gebouwd. In deze straat is goed de eivorm van de middeleeuwse stad te zien.

Literatuur

  1. G. van Berkel en K. Samplonius, Nederlandse plaatsnamen – herkomst en historie, Uitgeverij Het Spectrum, Derde druk, 2006, p6 en 103.
  2. Doetinchem in de loop der eeuwen, G. Blankestein,
    Van Den Brink en Sluis, Doetinchem, 1978.
  3. De geschiedenis van Doetinchem, S.H. Lovink Hz.,
    Raadgeep & Berrevoets, Doetinchem, 1978.
  4. Gemeentewapens, Jaarboek Achterhoek en Liemers, diverse auteurs,
    De Walburg Pers, Zutphen, 1982.
  5. Doetinchem in de Middeleeuwen, W. Jappe Alberts,
    In: Geschiedenis van Doetinchem,
    De Walburg Pers – Oudheidkundige Kring ‘Deutekom’, Zutphen, 1986.
  6. De oudste volledig bewaarde Stadsrekening van Doetinchem over het jaar 1530/1531, Prof. Dr. W. Jappe Alberts,
    Oudheidkundige Vereniging “Deutekom”, Doetinchem, 1986.
  7. Facetten van de stadsgeschiedenis opgehelderd door Betlehemse archivalia, P. Moors,
    In: Geschiedenis van Doetinchem,
    De Walburg Pers – Oudheidkundige Kring ‘Deutekom’, Zutphen, 1986.
  8. Doetinchem 1000 jaar geleden al een echte stad, Drs. Thomas Spitzers,
    Kronyck van Dotecom, jaargang 22, nr. 88, juni 1998.
  9. Graven in het verleden roept tal van vragen op, Guus Dinkla,
    Kronyck van Dotecom, jaargang 22, nr. 90, december 1998.
  10. ’t Brewinc: oude naam aan vergetelheid ontrukt, Ton Notten,
    Kronyck van Dotecom, jaargang 23, nr 92, juni 1999.
  11. Heren van Barlham prominent aanwezig in Doetinchem?, Paul Moors,
    Kronyck van Dotecom, jaargang 23, nr. 93, september 1999.
  12. Catharinakerk, kroon van Doetinchem, Theo J. Rouwgoor,
    Stichting “Catharina Cultureel”, Doetinchem, 2000.

Gegeven in den jair ons Heren, doen men screeff MM ende II des Saterdages op sunte Mamertus van Vienne dach, dat was op ten elfden dach der maent van Maii.