{"id":714,"date":"1998-08-08T22:00:00","date_gmt":"1998-08-08T22:00:00","guid":{"rendered":"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/?p=714"},"modified":"2026-03-27T16:17:11","modified_gmt":"2026-03-27T15:17:11","slug":"de-middeleeuwse-stad","status":"publish","type":"page","link":"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/de-middeleeuwse-stad\/","title":{"rendered":"De middeleeuwse stad"},"content":{"rendered":"\t\t<div data-elementor-type=\"wp-page\" data-elementor-id=\"714\" class=\"elementor elementor-714\" data-elementor-post-type=\"page\">\n\t\t\t\t<div class=\"elementor-element elementor-element-5f0fe4fe e-flex e-con-boxed e-con e-parent\" data-id=\"5f0fe4fe\" data-element_type=\"container\" data-e-type=\"container\">\n\t\t\t\t\t<div class=\"e-con-inner\">\n\t\t\t\t<div class=\"elementor-element elementor-element-73263cf9 elementor-widget elementor-widget-text-editor\" data-id=\"73263cf9\" data-element_type=\"widget\" data-e-type=\"widget\" data-widget_type=\"text-editor.default\">\n\t\t\t\t\t\t\t\t\t<p><\/p>\n<h2 class=\"wp-block-heading\">De jonge stad<\/h2>\n<p><\/p>\n<p class=\"wp-block-paragraph\">De steden van middeleeuws Oost-Nederland zijn geen oud-Romeinse erfenissen. Anders dan Nijmegen of Maastricht, die hun oorsprong vinden in de Romeinse tijd, ontstaan de nederzettingen langs de IJssel en in het achterland pas vanaf de tiende en elfde eeuw als bescheiden agrarische kernen rond een kerk, een hof van de <a href=\"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/de-landsheer\/\">landsheer<\/a> of het <a href=\"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/het-kapittel\/\">kapittel<\/a>, en een <a href=\"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/de-markt\/\">markt<\/a>. Deventer is de oudste en vormt een geval apart: de nederzetting wordt al in negende-eeuwse bronnen van het bisdom Utrecht vermeld, en in 952 noemt een oorkonde van koning Otto I de plaats als stad. In 1123 ontvangt Deventer van keizer Hendrik V de beschikking over de gemeentelijke gronden \u2014 door historici beschouwd als het moment van formele stadsrechtverlening. Zutphen groeit in dezelfde periode uit van grafelijk bestuurscentrum tot stad. Kampen en Zwolle volgen later: Zwolle ontvangt in 1230 stadsrechten van bisschop Wilbrand van Utrecht\u00a0<a href=\"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/genealogie\/getperson.php?personID=I8350&amp;tree=DGidME_01\">\u03a8<\/a>, als beloning voor de steun die de Zwollenaren hem hadden geboden na de rampzalige <a href=\"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/slag-aan-de-ane-1227\/\">Slag aan de Ane<\/a> in 1227. Over de precieze rechtsgrond van dat privilege bestaat overigens discussie. Volgens oud-archivaris A.J. Mensema heeft Zwolle, net als Kampen en Deventer, vermoedelijk nooit een formele oorkonde ontvangen \u2014 de stad was een stad omdat zij als zodanig werd beschouwd.<\/p>\n<p><\/p>\n<p class=\"wp-block-paragraph\">De jonge steden vertonen vaak hetzelfde patroon in hun vroegste fase. Een kerk met een markt en enkele uitvalswegen. Boerderijen die met het gezicht naar de hoofdweg staan, met achter langs het erf een onverharde achterstraat. In of nabij de nederzetting bevindt zich een belangrijke <a href=\"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/verhoudingen\/#Hof\">hof<\/a> van de landsheer of de kerk, waar de belasting moet worden voldaan. Voor de bewoners moet er een economische reden zijn om zich blijvend te vestigen. Die reden is aanvankelijk de markt: het recht om handel te drijven op vaste dagen. Pas in de veertiende eeuw gaan steden ook aantrekkingskracht uitoefenen op kinderen van horigen die niets erven. En wie het goed w\u00e9l erft, gaat juist in de stad wonen om horigheid te ontlopen.<\/p>\n<p><\/p>\n<p class=\"wp-block-paragraph\">Het verschil tussen de IJsselsteden en de steden in het achterland tekent zich al vroeg af. Deventer, Zutphen en Kampen profiteren van hun ligging aan de IJssel, de belangrijkste handelsroute tussen het Rijnland en de Noordzee. Zij groeien uit tot regionale centra met internationale handelscontacten. Zwolle, dat strikt genomen niet aan de IJssel maar aan de Vecht en het Zwarte Water ligt, functioneert via Kampen als schakel in dezelfde handelsroute en wordt in de veertiende eeuw een gelijkwaardige speler. De steden in het achterland \u2014 Doetinchem, Lochem en Groenlo in de Graafschap; Oldenzaal, Ootmarsum en Delden in Twente; Hardenberg en Steenwijk in het noorden van het Oversticht \u2014 blijven kleiner. Zij danken hun bestaan niet aan de langeafstandshandel maar aan hun functie als lokale marktplaats en bestuurscentrum. Veel van hen ontvangen hun stadsrechten pas in de tweede helft van de dertiende of de veertiende eeuw, als de landsheer \u2014 de <a href=\"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/de-bisschop-als-landsheer\/\">bisschop van Utrecht<\/a> in het Oversticht, de graaf of hertog van Gelre in de Graafschap \u2014 er politiek voordeel in ziet om nederzettingen tot stad te verheffen.<\/p>\n<p><\/p>\n<p><\/p><\/div><\/div><\/div><\/div> <a href=\"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/de-middeleeuwse-stad\/#more-714\" class=\"more-link elementor-more-link\"><span aria-label=\"Lees verder De middeleeuwse stad\">(meer&hellip;)<\/span><\/a>","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>De jonge stad De steden van middeleeuws Oost-Nederland zijn geen oud-Romeinse erfenissen. Anders dan Nijmegen of Maastricht, die hun oorsprong vinden in de Romeinse tijd, ontstaan de nederzettingen langs de IJssel en in het achterland pas vanaf de tiende en elfde eeuw als bescheiden agrarische kernen rond een kerk, een hof van de landsheer of [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":711,"parent":0,"menu_order":11,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","template":"","meta":{"footnotes":""},"class_list":["post-714","page","type-page","status-publish","has-post-thumbnail","hentry"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/714","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/wp-json\/wp\/v2\/pages"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/wp-json\/wp\/v2\/types\/page"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/wp-json\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=714"}],"version-history":[{"count":32,"href":"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/714\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":10076,"href":"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/714\/revisions\/10076"}],"wp:featuredmedia":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/wp-json\/wp\/v2\/media\/711"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.graafschap-middeleeuwen.nl\/wordpress\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=714"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}