Zoeken

Gebruik van AI (1)

Inleiding

Studiehandschrift met interlineaire en marginale glossen (St. Gallen, Stiftsbibliothek, Cod. Sang. 339, f. 15r). De hoofdtekst blijft leidend; de marge corrigeert en begeleidt.
Studiehandschrift met interlineaire en marginale glossen (St. Gallen, Stiftsbibliothek, Cod. Sang. 339, f. 15r). De hoofdtekst blijft leidend; de marge corrigeert en begeleidt.

De afgelopen maand is De Graafschap in de Middeleeuwen inhoudelijk zichtbaar geactualiseerd en hernoemd naar Oost-Nederland in de middeleeuwen. Niet alleen doordat oudere pagina’s zijn herzien, maar ook doordat de werkwijze zelf is veranderd. Artificiële intelligentie wordt daarbij ingezet als hulpmiddel: niet als auteur, maar als een soort machinale medewerker. Er zijn veel meningen over de inzet van AI (in mijn geval ChatGPT 5.2), maar dit experiment ga ik graag aan om a) mijn website weer bij de tijd te brengen (door privéomstandigheden en een drukke baan was zij achter gaan lopen), en b) te bezien hoe ver je met AI kunt gaan om er echt een fijne machinale assistent van te maken.
In deze blogpost licht ik toe hoe ik AI toepas op deze website. Niet enkel om hierover transparant te zijn (het staat al op de landingspagina) maar ook om inzicht te verschaffen in de stand der techniek.

Werkwijze

1. Vooruitgang in AI en bronnen

Een belangrijke stap is de overstap naar een canvas‑omgeving in ChatGPT voor het herschrijven en actualiseren van teksten. Dit maakt het mogelijk om langere documenten consistent te bewerken, versies te vergelijken, en systematisch noten en literatuur te controleren. Dat werkt een stuk prettiger dan in een lijst van prompts je artikel samenstellen.
Een tweede technische verbetering is de toevoeging van geheugen aan ChatGPT. Waar eerst iedere chat feitelijk opnieuw begon, is met de toevoeging van geheugen mogelijk om de AI te trainen in je werkwijze en eisen die daarbij horen.

Daarnaast zijn openbaar toegankelijke (primaire) bronnen enorm toegenomen. Bij mijn start van mijn website in 1998 waren er niet veel (primaire) bronnen openbaar. Dat is nu, bijna dertig jaar later,  wel anders. Niet iedere bron is even toegankelijk, maar met het aanbrengen van links kom je terecht waar je moet zijn.

Waar het eerste (inzet van AI) niet iedereen zal bekoren, zal het tweede historisch geïnteresseerden wel bevallen.

2. Analyse van de schrijfstijl

Voordat AI inhoudelijk werd ingezet, is eerst mijn bestaande schrijfstijl geanalyseerd. Immers, de toon moet niet opeens drastisch af gaan wijken. Hiervoor heb ik enkele bestaande recente webpagina’s over verschillende onderwerpen laten analyseren.
AI schrijft nu zoals ik zou doen en doet dat naar mijn smaak goed.

3. Afspraken over de werkwijze

Er zijn in een workflow expliciete afspraken gemaakt over hoe AI wordt gebruikt en dit is opgeslagen in het chatgeheugen. De workflow wordt echter nog steeds verfijnd. Op hoofdlijnen:

  • AI doet voorstellen, geen eindredactie.
  • Elke inhoudelijke bewering wordt door de menselijke redacteur beoordeeld.
  • Teksten worden nooit ongecontroleerd gepubliceerd.
  • Historische interpretatie blijft mensenwerk; AI ondersteunt bij structureren, samenvatten en vergelijken.

Daarmee fungeert AI als assistent binnen een historisch‑wetenschappelijke workflow, niet als zelfstandige auteur.

4. Afspraken over het notenapparaat

Voor het notenapparaat gelden strikte regels:

  • Elke alinea bevat minimaal één expliciete nootverwijzing;
  • Eerste verwijzingen zijn volledig bibliografisch uitgewerkt;
  • Herhalingen volgen een vaste verkorte vorm (auteur, jaartal, pagina’s);
  • Primaire bronnen krijgen voorrang boven secundaire literatuur;
  • Paginaverwijzingen worden waar mogelijk altijd opgenomen.

5. Verfijning van de workflow en nieuwe afspraak

De huidige werkwijze is niet statisch. Verdere verfijning blijft noodzakelijk. Daarom is een nieuwe afspraak gemaakt: het gebruik van online toegankelijke bronnen wordt actief uitgebreid. Dat biedt voor de lezer gelegenheid zichzelf verder te verdiepen of iets na te slaan.

Digitale edities van primaire bronnen, academische artikelen via open platforms, en betrouwbare instapteksten worden voortaan bewuster ingezet. Niet als vervanging van klassieke literatuur, maar als aanvulling die transparantie en controleerbaarheid vergroot.

Eerste bevindingen

Voor eenvoudige redactioneel werk is het een enorme tijdbesparing. ChatGPT typt nu eenmaal veel sneller en foutlozer dan ik dat kan.
Noten en de herziening daarvan zijn vooralsnog een onvolmaakt technisch proces waarbij tussen canvasdocument en promptlijn nogal eens iets verloren gaat. Het heen en weer springen in de tekst met toevoeging, vervangen en/of verwijderen van noten is technisch uitdagend. Noten worden verhaspeld, ongewenst samengevoegd, of ondergaan andere creatieve verwerkingen.

AI maakt het mogelijk om efficiënter en consistenter te werken, maar neemt onzekerheid niet weg. Het bekende ‘hallucineren’ – beter: fabuleren – is aan den lijve ondervonden. Niet bestaande artikelen worden rustig opgevoerd, zodat kritische reactie nodig blijft.

Dus…

AI is verre van volmaakt, zoals mensen dat ook niet zijn. Ooit was ik een trouwe volger van Donald C. Jackman, een Amerikaanse mediëvist die naam maakte met scherpe genealogische analyses en een nietsontziende bronkritiek. Zijn werk dwong tot grotere precisie en heeft zonder twijfel het debat over adel en verwantschap aangescherpt. Tegelijkertijd was zijn benadering vaak zo rigoureus dat zij bestaande interpretaties eerder wegmaaide dan zorgvuldig herwoog. Om het minder academisch te zeggen: hij schoot met hagel en raakte daardoor altijd wel iets. Dat werkte voor mijn website niet goed.

Jackmans autoriteit en stelligheid maakten het lastig om twijfel of nuance overeind te houden, terwijl juist die twijfel essentieel is in historisch onderzoek. Pas later is bijvoorbeeld de identificatie van Otto I van Zutphen met Otto van Hammerstein overtuigend onderbouwd, in een volwaardig artikel door Hein H. Jongbloed.

Die ervaring neem ik mee in het werken met AI. ChatGPT kan veel en zal in volgende versies ongetwijfeld nog meer kunnen. Maar net als bij invloedrijke historici geldt: kritisch blijven, controleren, en zelf blijven nadenken. Ik groei daarin mee, of probeer dat in ieder geval, want AI is een blijvertje.

Tot slot

Mooi om te zien is dat bezoekers zich onmiddellijk melden met een reactie over een gefabuleerde  bron bij een van de eerste bijgewerkte artikelen. Dat had ik zo snel niet verwacht na al jaren eigenlijk ‘uit de lucht’ te zijn.
De workflow wordt gaandeweg beter en beter, maar mijn website blijft mensenwerk. Ook ik speculeer af en toe, maar zal dat ook melden. Hoe dan ook: gefabuleerde bronnen horen uiteraard niet thuis op mijn website.

Inleiding

Studiehandschrift met interlineaire en marginale glossen (St. Gallen, Stiftsbibliothek, Cod. Sang. 339, f. 15r). De hoofdtekst blijft leidend; de marge corrigeert en begeleidt.
Studiehandschrift met interlineaire en marginale glossen (St. Gallen, Stiftsbibliothek, Cod. Sang. 339, f. 15r). De hoofdtekst blijft leidend; de marge corrigeert en begeleidt.

De afgelopen maand is De Graafschap in de Middeleeuwen inhoudelijk zichtbaar geactualiseerd en hernoemd naar Oost-Nederland in de middeleeuwen. Niet alleen doordat oudere pagina’s zijn herzien, maar ook doordat de werkwijze zelf is veranderd. Artificiële intelligentie wordt daarbij ingezet als hulpmiddel: niet als auteur, maar als een soort machinale medewerker. Er zijn veel meningen over de inzet van AI (in mijn geval ChatGPT 5.2), maar dit experiment ga ik graag aan om a) mijn website weer bij de tijd te brengen (door privéomstandigheden en een drukke baan was zij achter gaan lopen), en b) te bezien hoe ver je met AI kunt gaan om er echt een fijne machinale assistent van te maken.
In deze blogpost licht ik toe hoe ik AI toepas op deze website. Niet enkel om hierover transparant te zijn (het staat al op de landingspagina) maar ook om inzicht te verschaffen in de stand der techniek.

Werkwijze

1. Vooruitgang in AI en bronnen

Een belangrijke stap is de overstap naar een canvas‑omgeving in ChatGPT voor het herschrijven en actualiseren van teksten. Dit maakt het mogelijk om langere documenten consistent te bewerken, versies te vergelijken, en systematisch noten en literatuur te controleren. Dat werkt een stuk prettiger dan in een lijst van prompts je artikel samenstellen.
Een tweede technische verbetering is de toevoeging van geheugen aan ChatGPT. Waar eerst iedere chat feitelijk opnieuw begon, is met de toevoeging van geheugen mogelijk om de AI te trainen in je werkwijze en eisen die daarbij horen.

Daarnaast zijn openbaar toegankelijke (primaire) bronnen enorm toegenomen. Bij mijn start van mijn website in 1998 waren er niet veel (primaire) bronnen openbaar. Dat is nu, bijna dertig jaar later,  wel anders. Niet iedere bron is even toegankelijk, maar met het aanbrengen van links kom je terecht waar je moet zijn.

Waar het eerste (inzet van AI) niet iedereen zal bekoren, zal het tweede historisch geïnteresseerden wel bevallen.

2. Analyse van de schrijfstijl

Voordat AI inhoudelijk werd ingezet, is eerst mijn bestaande schrijfstijl geanalyseerd. Immers, de toon moet niet opeens drastisch af gaan wijken. Hiervoor heb ik enkele bestaande recente webpagina’s over verschillende onderwerpen laten analyseren.
AI schrijft nu zoals ik zou doen en doet dat naar mijn smaak goed.

3. Afspraken over de werkwijze

Er zijn in een workflow expliciete afspraken gemaakt over hoe AI wordt gebruikt en dit is opgeslagen in het chatgeheugen. De workflow wordt echter nog steeds verfijnd. Op hoofdlijnen:

  • AI doet voorstellen, geen eindredactie.
  • Elke inhoudelijke bewering wordt door de menselijke redacteur beoordeeld.
  • Teksten worden nooit ongecontroleerd gepubliceerd.
  • Historische interpretatie blijft mensenwerk; AI ondersteunt bij structureren, samenvatten en vergelijken.

Daarmee fungeert AI als assistent binnen een historisch‑wetenschappelijke workflow, niet als zelfstandige auteur.

4. Afspraken over het notenapparaat

Voor het notenapparaat gelden strikte regels:

  • Elke alinea bevat minimaal één expliciete nootverwijzing;
  • Eerste verwijzingen zijn volledig bibliografisch uitgewerkt;
  • Herhalingen volgen een vaste verkorte vorm (auteur, jaartal, pagina’s);
  • Primaire bronnen krijgen voorrang boven secundaire literatuur;
  • Paginaverwijzingen worden waar mogelijk altijd opgenomen.

5. Verfijning van de workflow en nieuwe afspraak

De huidige werkwijze is niet statisch. Verdere verfijning blijft noodzakelijk. Daarom is een nieuwe afspraak gemaakt: het gebruik van online toegankelijke bronnen wordt actief uitgebreid. Dat biedt voor de lezer gelegenheid zichzelf verder te verdiepen of iets na te slaan.

Digitale edities van primaire bronnen, academische artikelen via open platforms, en betrouwbare instapteksten worden voortaan bewuster ingezet. Niet als vervanging van klassieke literatuur, maar als aanvulling die transparantie en controleerbaarheid vergroot.

Eerste bevindingen

Voor eenvoudige redactioneel werk is het een enorme tijdbesparing. ChatGPT typt nu eenmaal veel sneller en foutlozer dan ik dat kan.
Noten en de herziening daarvan zijn vooralsnog een onvolmaakt technisch proces waarbij tussen canvasdocument en promptlijn nogal eens iets verloren gaat. Het heen en weer springen in de tekst met toevoeging, vervangen en/of verwijderen van noten is technisch uitdagend. Noten worden verhaspeld, ongewenst samengevoegd, of ondergaan andere creatieve verwerkingen.

AI maakt het mogelijk om efficiënter en consistenter te werken, maar neemt onzekerheid niet weg. Het bekende ‘hallucineren’ – beter: fabuleren – is aan den lijve ondervonden. Niet bestaande artikelen worden rustig opgevoerd, zodat kritische reactie nodig blijft.

Dus…

AI is verre van volmaakt, zoals mensen dat ook niet zijn. Ooit was ik een trouwe volger van Donald C. Jackman, een Amerikaanse mediëvist die naam maakte met scherpe genealogische analyses en een nietsontziende bronkritiek. Zijn werk dwong tot grotere precisie en heeft zonder twijfel het debat over adel en verwantschap aangescherpt. Tegelijkertijd was zijn benadering vaak zo rigoureus dat zij bestaande interpretaties eerder wegmaaide dan zorgvuldig herwoog. Om het minder academisch te zeggen: hij schoot met hagel en raakte daardoor altijd wel iets. Dat werkte voor mijn website niet goed.

Jackmans autoriteit en stelligheid maakten het lastig om twijfel of nuance overeind te houden, terwijl juist die twijfel essentieel is in historisch onderzoek. Pas later is bijvoorbeeld de identificatie van Otto I van Zutphen met Otto van Hammerstein overtuigend onderbouwd, in een volwaardig artikel door Hein H. Jongbloed.

Die ervaring neem ik mee in het werken met AI. ChatGPT kan veel en zal in volgende versies ongetwijfeld nog meer kunnen. Maar net als bij invloedrijke historici geldt: kritisch blijven, controleren, en zelf blijven nadenken. Ik groei daarin mee, of probeer dat in ieder geval, want AI is een blijvertje.

Tot slot

Mooi om te zien is dat bezoekers zich onmiddellijk melden met een reactie over een gefabuleerde  bron bij een van de eerste bijgewerkte artikelen. Dat had ik zo snel niet verwacht na al jaren eigenlijk ‘uit de lucht’ te zijn.
De workflow wordt gaandeweg beter en beter, maar mijn website blijft mensenwerk. Ook ik speculeer af en toe, maar zal dat ook melden. Hoe dan ook: gefabuleerde bronnen horen uiteraard niet thuis op mijn website.